FAASEN
„Faasen: zoon van Faas, een oude vorm van Bonifacius”
Mijn achternaam Faasen betekent 'zoon van Faas' — een middeleeuwse afkorting van Bonifacius!
De betekenis van de achternaam FAASEN
Faasen is een patroniem en betekent letterlijk 'zoon van Faas'. Faas was in de late middeleeuwen een gangbare Nederlandse verkorting van de doopnaam Bonifacius.
Het familiewapen van FAASEN
„Zoon van het licht”
In azuur een zilveren Latijns kruis, rijzend uit een gouden vlammenhoop aan de voet, vergezeld in het schildhoofd van twee gouden zespuntige sterren.
De naam Faasen is een patroniem: hij betekent letterlijk "zoon van Faas". Faas was in de middeleeuwse Lage Landen een veelgebruikte roepnaam, ontstaan als verkorting van Bonifacius — de heilige missionaris-bisschop wiens naam "weldoener" of "die goed doet" betekent — en in sommige streken verbonden met de heilige Servaas. Toen in de zestiende en zeventiende eeuw vaste achternamen gebruikelijk werden, vooral in Noord-Brabant en Gelderland, kregen zonen de voornaam van hun vader met het achtervoegsel "-sen" als blijvende familienaam. Zo werd uit de persoonlijke naam Faas de erfelijke naam Faasen, net zoals Jan tot Jansen en Pieter tot Pietersen werd — een naam die na 1811 definitief in de burgerlijke stand werd vastgelegd, met spellingvarianten als Faassen, Vaassen en Faesen als stille getuigen van eeuwen regionale overlevering.
Het ontwerp eert deze oorsprong rechtstreeks in de figuur van Bonifacius zelf. Het zilveren Latijnse kruis is het teken van zijn geloof en zijn missiewerk, de kern van waaruit de roepnaam Faas ooit is voortgekomen. De gouden vlammenhoop aan de voet van het kruis verwijst naar het vuur van overtuiging en de brandende toewijding waarmee deze naamgever bekendstond, en tegelijk naar het licht dat van generatie op generatie is doorgegeven. De twee gouden zespuntige sterren in het schildhoofd staan voor de zonen en de zonen van zonen die de naam Faasen door de eeuwen heen hebben gedragen en verder verspreid — het patroniem in zijn meest wezenlijke vorm. Het azuren veld, de kleur van standvastigheid en trouw, bindt alle elementen samen, terwijl de wapenspreuk "Zoon van het licht" de betekenis van de naam — zoon van Faas, zoon van het vuur en het geloof — in één krachtige zin vangt. Dit is een nieuw ontworpen wapen, gegrond in oude heraldische traditie, gemaakt om de familie Faasen een zichtbaar en blijvend teken van herkomst te geven.

De geschiedenis van de naam FAASEN
De achternaam Faasen is een patroniem, wat betekent dat de naam oorspronkelijk verwees naar "zoon van Faas". Faas was in de middeleeuwen een veelgebruikte roepnaam in de Nederlanden, ontstaan als verkorting van de doopnaam Bonifacius, en in sommige streken ook gerelateerd aan Servaas. Toen in de zestiende en zeventiende eeuw achternamen steeds gebruikelijker werden, kregen kinderen vaak de voornaam van hun vader als vaste familienaam met de toevoeging "-sen" of "-zen", wat "zoon van" betekent. Zo ontstond uit Faas de naam Faasen, vergelijkbaar met andere Nederlandse patroniemen zoals Jansen (zoon van Jan) of Pietersen (zoon van Pieter). De naam wordt vooral geassocieerd met het zuiden en midden van Nederland, met name in provincies als Noord-Brabant en Gelderland, waar patroniemen op -sen veel voorkwamen.
Historisch gezien duikt de naam Faasen vanaf de zestiende eeuw op in doop-, trouw- en begraafregisters, en later in officiële burgerlijke stand documenten na de invoering van vaste achternamen onder het Napoleontische bewind rond 1811. In deze periode werden veel Nederlandse families verplicht om een blijvende familienaam te registreren, waardoor bestaande patroniemen zoals Faasen definitief werden vastgelegd als erfelijke achternaam. Vandaag de dag komt de naam Faasen nog steeds voornamelijk voor in Nederland, met kleinere aantallen dragers in België en onder Nederlandse emigranten wereldwijd. Een opmerkelijk kenmerk van de naam is de spellingvariatie die door de eeuwen heen is ontstaan, met varianten als Faassen, Vaassen of Faesen, afhankelijk van regionale uitspraak en schrijfconventies. Deze variaties maken genealogisch onderzoek naar de naam interessant, omdat familietakken soms uiteenliepen in spelling terwijl ze een gemeenschappelijke voorouderlijke oorsprong deelden.