TEMPELAAR
„Naam voor wie bij de Tempeliers of tempelgrond hoorde”
Mijn achternaam Tempelaar verwijst naar voorouders die op oude Tempeliersgrond woonden!
De betekenis van de achternaam TEMPELAAR
Tempelaar verwijst waarschijnlijk naar iemand die woonde op of werkte voor grond die ooit toebehoorde aan de Orde van de Tempeliers of de Duitse Orde, vaak 'tempelhof' of 'tempellanden' genoemd. Het is dus eerder een verwijzing naar een plek dan naar het beroep van ridder zelf.
Het familiewapen van TEMPELAAR
„Trouw aan de tempel”
In zilver een rood tempelierskruis, geplaatst op een groen drieheuvel, vergezeld van twee rode rondelen ter hoogte van de bovenste kruisarm.
De naam Tempelaar ontstond in de Lage Landen uit het Middelnederlandse woord "tempel", verbonden met het achtervoegsel "-aar" dat wijst op iemand die ergens bij hoorde of een taak vervulde. Wie deze naam droeg, woonde of werkte doorgaans nabij een kerk, kapel of kloostergebouw, en soms verwijst zij naar bezittingen van de Orde van de Tempeliers, die in de middeleeuwen ook in Zuid-Holland en Zeeland gronden en hoeves bezat. In latere eeuwen vinden we de naam terug bij kosters en kerkmeesters, mensen die letterlijk in dienst stonden van het gebouw en de gemeenschap die het diende — een naam die dus niet van adel spreekt, maar van toewijding en nabijheid tot het heilige.
Het schild is zilver, de kleur van reinheid en oprechtheid, en draagt in het midden het rode tempelierskruis — het kruis patty, directe verwijzing naar de orde en de kerkelijke oorsprong van de naam zelf. Dit kruis rust op een groene drieheuvel, sinopel voor de vruchtbare grond van Zuid-Holland en Zeeland waar de familie generaties lang woonde en werkte, en de drie heuvels duiden op standvastigheid door de tijd heen — verleden, heden en toekomst die elkaar dragen. De twee rode rondelen naast de bovenste kruisarm verbeelden de eeuwige lichten die in een tempel of kapel brandden, onderhouden door wie er dienst deed — een stille verwijzing naar het werk van de koster. Boven het schild verheft zich uit het torse eenzelfde rood kruis tussen twee zilveren vleugels, als teken dat de toewijding van de naam nog altijd omhoogreikt. De spreuk "Trouw aan de tempel" vat samen wat de naam Tempelaar door de eeuwen heen is gebleven: een familie die, dicht bij het heilige, haar taak trouw is blijven vervullen.

De geschiedenis van de naam TEMPELAAR
De achternaam Tempelaar is een Nederlandse familienaam die zijn oorsprong vindt in het Middelnederlandse woord "tempel", verwezen naar een kerkgebouw of religieuze instelling, gecombineerd met het achtervoegsel "-aar", dat in oude beroeps- en herkomstnamen wijst op een persoon die ergens bij hoorde of een functie vervulde. Vermoedelijk verwees de naam oorspronkelijk naar iemand die werkzaam was bij of woonachtig was nabij een tempel, kerk of kloostergebouw, mogelijk in dienst van de Tempeliers of een verwante religieuze orde die in de middeleeuwen bezittingen had in de Lage Landen. Sommige naamkundigen leggen ook een verband met plaatsnamen die "tempel" bevatten, zoals gehuchten of hoeves die ooit eigendom waren van de Orde van de Tempeliers, wat de naam een sterk regionale en religieuze connotatie geeft.
Geografisch gezien komt de naam Tempelaar van oudsher vooral voor in de provincies Zuid-Holland en Zeeland, waar historische registers uit de zeventiende en achttiende eeuw al melding maken van families met deze achternaam. In deze periode werden achternamen in Nederland nog niet overal wettelijk vastgelegd, maar met de invoering van de Burgerlijke Stand onder Napoleon in 1811 werd de naam formeel geregistreerd en verspreidde deze zich geleidelijk over andere delen van het land. Historisch gezien behoorden dragers van de naam vaak tot de agrarische of ambachtelijke gemeenschap, en in sommige archieven wordt de naam in verband gebracht met kerkelijke functies zoals koster of kerkmeester. Tegenwoordig is Tempelaar een relatief zeldzame achternaam in Nederland, die vooral bekendheid geniet binnen genealogisch onderzoek vanwege de duidelijke link met de rijke religieuze en middeleeuwse geschiedenis van de Lage Landen.