POSTHUMA
„Genoemd naar de posterijen, uit het Friese land”
Mijn achternaam Posthuma verwijst naar een voorouder die met de post te maken had, ergens in Friesland!
De betekenis van de achternaam POSTHUMA
Posthuma verwijst naar iemand die verbonden was met de 'post' — vermoedelijk een posthouder, postbode of iemand die bij een posthuis (pleisterplaats voor postkoetsen) werkte of woonde. De uitgang '-huma' is een typisch Friese vorm die zoiets betekent als 'afstammeling van' of 'behorend tot'.
Wilt u zien wat er in de registers staat? Het verdiepingsdossier POSTHUMA bevat de akten, de tellingen en de originele registerbladen — met bij elke bewering de bron erbij. €47
Bekijk het dossier POSTHUMA →Fries erfgoed: geboren na vaders dood
Deze naam heeft meer dan één mogelijke herkomst. Hieronder staan ze allebei, met bij elke uitleg hoe zeker die is.
VastgesteldDe achternaam Posthuma behoort tot de grote groep Friese familienamen die pas laat, in 1811, verplicht werden vastgelegd toen Napoleon zijn wetgeving over de burgerlijke stand ook in de Friese gewesten liet gelden. Daarvóór gebruikte men in Friesland eeuwenlang vooral patroniemen: de zoon van Jelle heette Jelle Sytses, en die van Sytse weer Sytse Jelles. Pas met de invoering van de burgerlijke stand moesten families een vaste, blijvende achternaam kiezen, en velen grepen daarbij terug op een reeds bestaande bijnaam, boerderijnaam of statusaanduiding binnen de familie. Posthuma is zo'n naam die in die periode is vastgelegd, maar waarvan de achterliggende betekenis vermoedelijk al veel ouder was als informele aanduiding.
Zeer waarschijnlijkDe meest gangbare verklaring wijst naar het Latijnse woord posthumus, dat letterlijk 'de laatste' of 'na het overlijden geboren' betekent. In veel Europese talen, ook in het Nederlands en Fries, werd dit woord gebruikt om een kind aan te duiden dat ter wereld kwam nadat de vader al was gestorven. Zo'n kind kreeg soms letterlijk deze aanduiding als bijnaam mee, die vervolgens op de nakomelingen overging en tenslotte een familienaam werd. Het is een aangrijpend gegeven: de naam verwijst naar een gemis dat al bij de geboorte aanwezig was, een kind dat zijn vader nooit heeft gekend. Deze verklaring wordt door naamkundigen als de meest waarschijnlijke gezien, al is voor een specifieke familie zelden met zekerheid vast te stellen welke voorvader precies zo werd genoemd.
HypotheseEen tweede, minder besproken maar zeker niet onwaarschijnlijke verklaring legt de nadruk op het tweede lid van de naam: -huma, dat mogelijk teruggaat op 'huis' of 'hoeve', vergeleken met het element -huis of -hem dat in veel Nederlandse plaats- en familienamen voorkomt. Volgens deze lezing zou Posthuma oorspronkelijk verwijzen naar een boerderij of stins die bekendstond als 'de post-hoeve', wellicht gelegen bij een grensmarkering, een paalwerk of een postpunt langs een route. In Friesland ontstonden zeer veel achternamen namelijk niet uit een persoonlijke eigenschap maar uit de naam van de boerderij waarop een familie woonde of werkte, en de -huma-uitgang past in dat patroon van huisnamen die tot achternaam werden. Beide verklaringen sluiten elkaar niet uit: het is denkbaar dat een 'postkind' toevallig ook op een hoeve woonde die al met een vergelijkbare klank bekendstond, waardoor de twee betekenissen in de volksmond samenvloeiden.
VastgesteldDe uitgang -a is een typisch Fries kenmerk dat in honderden achternamen terugkeert, zoals Sytsma, Bakema, Wiersma of Postma. Deze uitgang functioneerde oorspronkelijk als een verkorte genitiefvorm, vergelijkbaar met 'van' of 'zoon van', en werd later vooral een vast, herkenbaar Fries achtervoegsel zonder dat sprekers nog precies beseften dat het ooit een bezitsvorm aanduidde. Dat Posthuma deze uitgang draagt, bevestigt de sterk Friese herkomst van de naam en plaatst hem in dezelfde taalkundige familie als tientallen andere -a-namen die in de negentiende eeuw uit oudere bijnamen of huisnamen werden gedestilleerd tot officiële achternamen.
Zeer waarschijnlijkDe families die de naam Posthuma droegen, waren in de negentiende eeuw voor het overgrote deel te vinden in het Friese platteland, met een duidelijke concentratie rond Sneek, Leeuwarden en de dorpen in de Zuidwesthoek. Dit is een landschap van klei- en veenweiden, doorsneden door vaarten en meren, waar het dagelijks leven werd bepaald door melkvee, akkerbouw en de bijbehorende handel in zuivel en granen. Veel dragers van de naam werkten als boer, arbeider op een pachthoeve of handelaar in landbouwproducten, en later, naarmate Friesland zich verder ontwikkelde, ook in de scheepvaart en de handel die via de Friese wateren naar de grotere steden liep. Dat de naam zich zo lang binnen deze regio concentreerde, is typerend voor Friesland, waar familienamen vaak sterker aan een streek gebonden bleven dan elders in Nederland.
Zeer waarschijnlijkIn de loop van de negentiende en twintigste eeuw trokken steeds meer Posthuma's weg uit hun oorspronkelijke Friese dorpen, aangetrokken door werk in de steden van Holland of door de mogelijkheden die emigratie bood. Vooral in de jaren rond en na de wereldoorlogen vertrokken families naar de Verenigde Staten, Canada en Australië, landen die actief Nederlandse boerenfamilies wierven voor de landbouw. Deze emigratiegolven verklaren waarom de naam Posthuma tegenwoordig ook buiten Nederland voorkomt, vaak vrijwel ongewijzigd gespeld, soms licht aangepast aan de uitspraak van de nieuwe taalomgeving. Binnen Nederland bleef de naam desondanks sterk verbonden met het noorden, waar hij vandaag nog altijd relatief vaak voorkomt vergeleken met de rest van het land.
Zeer waarschijnlijkQua schrijfwijze is Posthuma door de eeuwen heen opvallend stabiel gebleven, wat deels te danken is aan het late moment van vastlegging in 1811: tegen die tijd was er al veel minder ruimte voor de spellingsvarianten die eeuwen eerder, in een tijd zonder officiële registers, gebruikelijk waren. Wel duiken in oudere bronnen soms varianten op als Posthumus, waarin het Latijnse woord in zijn oorspronkelijke vorm bewaard bleef, naast het meer verfriest Posthuma. Deze twee vormen bestaan naast elkaar als familienamen en wijzen vermoedelijk op dezelfde onderliggende betekenis, maar op een verschillend moment of in een verschillend milieu van vastlegging, waarbij de ene tak koos voor de geleerde, Latijnse spelling en de andere voor de vernederfriese vorm.
HypotheseGezien de relatief beperkte verspreiding van de naam en de sterke concentratie in een afgebakende Friese regio, ligt het voor de hand dat de huidige dragers van de naam Posthuma afstammen van een klein aantal stamvaders, mogelijk zelfs van één enkele familie die in de achttiende eeuw al onder deze bijnaam bekendstond voordat de naam in 1811 werd vastgelegd. Dit in tegenstelling tot zeer algemene achternamen als De Jong of Bakker, die honderden onafhankelijke oorsprongen kennen. Voor Posthuma-families betekent dit dat een gedeelde afkomst, ergens in de Friese negentiende eeuw of daarvoor, niet onwaarschijnlijk is, al is dit zonder genealogisch bronnenonderzoek naar individuele families niet met zekerheid vast te stellen.