ANTHONIUS ROMBOUT
„Twee voornamen versmolten tot één familienaam”
Mijn naam is letterlijk een keten van twee heiligen: Antonius en Rombout!
De betekenis van de achternaam ANTHONIUS ROMBOUT
Deze naam is eigenlijk een combinatie van twee doopnamen: Anthonius (naar de heilige Antonius) en Rombout (naar de heilige Rumbold/Rombout, patroon van Mechelen). In de tijd voordat vaste achternamen gangbaar waren, werd vaak de voornaam van de vader als tweede naam meegegeven aan de zoon, wat hier is blijven hangen als een dubbele voornaam-achternaam.
Het familiewapen van ANTHONIUS ROMBOUT
„Bloeiend en standvastig”
Doorsneden van goud en azuur; rechts een bloeiende meidoorntak van sinopel oprijzend uit een grasgrond, links een zilveren kromstaf, staand.
De naam Anthonius Rombout draagt de herinnering aan een tijd waarin mensen nog geen vaste familienaam hadden, maar werden aangeduid naar hun vader: Anthonius, zoon van Rombout. Deze patroniemen waren in de Lage Landen tot diep in de negentiende eeuw de gewoonste zaak van de wereld, tot de wet vaste achternamen verplicht stelde en zulke vadernamen als deze bevroren tot een blijvende familienaam. Anthonius gaat terug op het oude Romeinse geslacht Antonius, waarvan de precieze betekenis met de eeuwen verloren is gegaan, al klinkt in de overlevering steeds de gedachte aan iets kostbaars en onschatbaars, of aan iets dat tot bloei komt. Rombout is een verbastering van het Germaanse Rumoldus of Rumbold en werd in de Nederlanden vooral gedragen dankzij de heilige Rombout, de negende-eeuwse bisschop en patroonheilige die als geloofsverkondiger door de Lage Landen trok en aan wie de naam zijn geestelijke gezag en gezaghebbende klank ontleent.
Het schild is daarom doorsneden van goud en azuur, zodat beide namen die in Anthonius Rombout zijn samengevoegd elk hun eigen veld krijgen. Rechts, op het gouden veld, rijst een bloeiende meidoorntak van sinopel op uit een grasgrond: de bloesem verwijst naar de klank van 'bloeiend' die in de naam Anthonius wordt gehoord, en het groen van sinopel staat voor groei en levenskracht die de generaties overleeft. Links, op het azuren veld, staat een zilveren kromstaf, het bisschoppelijk teken van de heilige Rombout zelf, die de herder en gids van zijn volk was; het zilver staat voor zuiverheid en waakzaamheid, het azuur voor trouw en standvastigheid. Boven het schild draagt de stalen toernooihelm — in burgerlijke traditie zonder kroon — als helmteken diezelfde bloeiende meidoorntak, geflankeerd door de kleine kromstaf, zodat bloei en leiderschap ook in het bovenstuk verenigd blijven. De wapenspreuk 'Bloeiend en standvastig' vat ten slotte in vijf woorden samen wat dit nieuw ontworpen wapen wil overdragen: een geslacht dat, ontstaan uit twee eenvoudige voornamen, is opgebloeid tot een familie die door de eeuwen heen standvastig is gebleven.
De geschiedenis van de naam ANTHONIUS ROMBOUT
De naam "Anthonius Rombout" is een voorbeeld van een patroniem, een naamvorm die in de Lage Landen tot in de negentiende eeuw wijdverspreid was voordat vaste achternamen wettelijk verplicht werden. De voornaam Anthonius is afgeleid van het Latijnse Antonius, de naam van een oud Romeins geslacht waarvan de exacte etymologische betekenis onzeker is, al wordt vaak een verband gelegd met woorden voor "onschatbaar" of "bloeiend". De naam Rombout is een verbastering van het Germaanse Rumoldus of Rumbold, en werd in de Nederlanden vooral bekend dankzij de heilige Rombout, de negende-eeuwse patroonheilige van