RUTTERKAMP
„Boerderij op het land van Rutger”
Mijn achternaam verwijst naar een oud stuk land van iemand die Rutger heette!
De betekenis van de achternaam RUTTERKAMP
Rutterkamp is een plaatsnaam-achternaam: 'kamp' verwijst naar een omheind stuk land of veld, vaak een ontgonnen akker bij een boerderij, en 'Rutter' gaat waarschijnlijk terug op de persoonsnaam Rutger (of een verbastering van 'ridder', ruiter). De naam duidde dus oorspronkelijk de bewoner aan van een specifiek stuk land dat aan iemand genaamd Rutger toebehoorde of ermee geassocieerd werd.
Het familiewapen van RUTTERKAMP
„Omheind, doch niet gebonden”
In sinopel een paal van goud in de vorm van een houten omheining, rechts vergezeld van een zilveren speerpunt, links van twee gekruiste gouden korenhalmen.
De naam Rutterkamp is een echte grensstreeknaam, ontstaan in het gebied tussen de Achterhoek, Twente en Westfalen, waar men in de late middeleeuwen boerderijen en ontginningen benoemde naar hun stichter én hun ligging. "Rutter" gaat terug op de oude Germaanse voornaam Rutger of Rutker — samengesteld uit "hrod" (roem) en "ger" (speer) — maar klinkt in oudere streektaal ook door als "ruiter", de bereden man die het land doorkruiste. "Kamp" duidt op het omheinde stuk grond dat door ontginning aan de wildernis werd onttrokken: akker of weide, met vlijt omgeven door paal en heg. Wie deze naam droeg, was dus letterlijk de bewoner van het omheinde land van Rutger's familie — een naam die roem, rijderschap en grond in één woord samenbindt.
Het schild is sinopel, groen, de kleur van het bewerkte land en de weide die de naam draagt. De gouden paal, gevormd als een houten omheining, verbeeldt het "kamp" zelf: het zorgvuldig afgepaalde stuk grond dat generatie na generatie werd bewaakt en doorgegeven. De zilveren speerpunt rechts eert het element "ger" (speer) uit de oude naam Rutger en herinnert tevens aan de ruiter — de bereden verkenner of verdediger van het land. De twee gekruiste gouden korenhalmen links staan voor de oogst, de vrucht van het ontginningswerk dat de omheining mogelijk maakte en de familie voedde. Het gehelmde bovenstuk, met het rijzende paardenhoofd tussen twee speerpunten, verenigt nogmaals ruiter en roem. De spreuk "Omheind, doch niet gebonden" vat de kern van de naam samen: een familie die zich vestigde binnen haar eigen grond, niet uit beperking maar uit toewijding — geworteld, standvastig, en vrij in wat zij zelf had opgebouwd.

De geschiedenis van de naam RUTTERKAMP
De achternaam Rutterkamp is een samengestelde Nederlandse/Nederduitse naam die waarschijnlijk is ontstaan als een zogenaamde "kampnaam", een naamtype dat veel voorkwam in het grensgebied tussen Nederland en Duitsland, met name in regio's als de Achterhoek, Twente en Westfalen. Het eerste deel, "Rutter", wordt doorgaans herleid tot de persoonsnaam Rutger of Rutker, een oude Germaanse voornaam opgebouwd uit de elementen "hrod" (roem) en "ger" (speer), al wordt in sommige gevallen ook een verband gelegd met het woord "ruiter" (paardrijder), dat in oudere dialectvormen als "rutter" werd geschreven en verwees naar een beroep of militaire functie. Het tweede deel, "kamp", is een veelvoorkomend achtervoegsel in oostelijke en noordoostelijke streektalen dat een omheind stuk land, akker of weide aanduidt, vaak afkomstig van het middeleeuwse ontginningslandschap. De naam Rutterkamp verwijst dus vermoedelijk naar "het omheinde land van (de familie van) Rutger" of naar een boerderij die eigendom was van iemand die bekend stond als ruiter.
Historisch gezien ontstonden dergelijke kampnamen doorgaans in de dertiende tot zestiende eeuw, toen boerderijen en hoeven in agrarische gemeenschappen vaak werden aangeduid met de naam van de oorspronkelijke stichter of eigenaar in combinatie met een geografisch of landschappelijk kenmerk. Wanneer families zich vestigden op of bij zo'n kamp, werd de plaatsnaam geleidelijk overgenomen als achternaam, een praktijk die typerend was voor het Sall