MANTEN
„Manten: telg van iemand die 'Man' heette”
Mijn achternaam Manten betekent zoiets als 'zoon van Man' — een oude Germaanse heldennaam!
De betekenis van de achternaam MANTEN
Manten is een patroniem en betekent zoveel als 'zoon van Man(no)', waarbij 'Man' een oude Germaanse voornaam of roepnaam was die simpelweg 'man' of 'held' betekende. De toevoeging '-ten' verwijst naar afkomst, net als bij namen als Wouters of Jansen.
Het familiewapen van MANTEN
„Trouw dienstman van de grond”
Van keel en sinopel doorsneden met een gekanteelde lijn, boven drie zilveren korenaren oprijzend uit de kanteling, onder een gouden rondeel in het midden.
De naam Manten is vermoedelijk ontstaan als patronymische vorm, in een tijd waarin vaste achternamen in de Lage Landen nog geen wettelijke verplichting waren. Waarschijnlijk gaat de naam terug op een oudere voornaam als "Mandus" of "Manno", al klinkt in de naam ook het woord "man" door in de betekenis van dienstman of leenman — iemand die zich met trouw en inzet aan grond en gemeenschap verbond. In de oostelijke provincies Gelderland en Overijssel, waar de naam zich het sterkst concentreert, ontstonden dergelijke namen binnen kleinschalige boerengemeenschappen, waar men elkaar onderscheidde naar afkomst, vader of functie op het erf.
Het schild is doorsneden door een gekanteelde lijn, die de grens tussen erven en buurtschappen verbeeldt zoals die eeuwenlang het landschap van Gelderland en Overijssel heeft getekend — een teken van de kleinschalige gemeenschap waarin de naam wortelde. Daarboven, in keel (rood), rijzen drie zilveren korenaren op uit die kanteling: zij verwijzen naar de agrarische oorsprong van de naam en naar de dienstbaarheid — het werk van de leenman en de boer die zijn brood aan de grond ontleende. Onder, in sinopel (groen), staat een gouden rondeel als een zon boven het veld: het teken van blijvende oogst en van de status die de naam ooit droeg als aanduiding van een man met verantwoordelijkheid. De helm boven het schild, met een enkele zilveren korenaar als hertekening van de sheaf, herhaalt deze belofte van voortzetting. De wapenspreuk "Trouw dienstman van de grond" vat de kern van de naam samen: generaties van Mantens die, van vader op zoon, verbonden bleven aan het land waaruit hun naam is opgekomen.

De geschiedenis van de naam MANTEN
De achternaam Manten is een Nederlandse familienaam waarvan de oorsprong waarschijnlijk teruggaat op een patronymische naamvorming, een gebruik dat in de Lage Landen veel voorkwam voordat vaste achternamen wettelijk verplicht werden ingevoerd tijdens de Franse overheersing rond 1811. De uitgang "-ten" wijst mogelijk op een verkorte of verbogen vorm van een oudere voornaam of bijnaam, mogelijk afgeleid van namen als "Mandus" of varianten van "Manno", welke in de middeleeuwen in het Nederrijnse en Nederlandse taalgebied voorkwamen. Ook is het mogelijk dat de naam verband houdt met het woord "man" in de betekenis van dienstman, leenman of vazal, wat destijds een aanduiding van sociale status of beroep kon zijn. Dergelijke naamvormen ontstonden vaak binnen agrarische gemeenschappen waar het noodzakelijk werd om personen met dezelfde voornaam van elkaar te onderscheiden door verwijzing naar afkomst, vader of functie.
Geografisch wordt de naam Manten voornamelijk aangetroffen in Nederland, met concentraties in de oostelijke provincies zoals Gelderland en Overijssel, gebieden die historisch gekenmerkt werden door kleinschalige boerengemeenschappen en waar familienamen vaak sterk verbonden waren met een specifieke streek of buurtschap. Genealogisch onderzoek naar de naam toont aan dat families met deze naam zich door de eeuwen heen geleidelijk over andere delen van