LEMS
„Lems: afgeleid van de voornaam Lem, kort voor Willem”
Blijkt dat mijn naam 'zoon van Willem' betekent — via een verrassende inkorting!
De betekenis van de achternaam LEMS
Lems is een patroniem dat 'zoon van Lem' betekent, waarbij Lem een verkorte vorm is van de voornaam Willem. De achtervoeging -s duidt op afkomst of verwantschap, net als bij namen als Jans of Peters.
Wilt u zien wat er in de registers staat? Het verdiepingsdossier LEMS bevat de akten, de tellingen en de originele registerbladen — met bij elke bewering de bron erbij. €47
Bekijk het dossier LEMS →Patroniem naar de voornaam Lem
Bij elke alinea staat hoe zeker wij ervan zijn.
VastgesteldDe achternaam Lems gaat terug op een patroniem, dat wil zeggen een naam die oorspronkelijk aangaf wiens zoon of dochter men was. De basis is de voornaam Lem, een verkorte roepvorm van Lambertus of Lemmen. Die namen ontstonden weer uit het Germaanse Landbert of Lambert, opgebouwd uit 'land' (grondgebied, landstreek) en 'berht' (schitterend, beroemd, glanzend). Samen betekende de oorspronkelijke naam dus zoiets als 'beroemd in het land' of 'glansrijk heerser'. Dit soort samengestelde Germaanse namen was in de vroege en late middeleeuwen in grote delen van West-Europa gangbaar en werd in de loop der eeuwen sterk verkort in de dagelijkse aanspreekvorm, waarbij Lem als koosnaam voor Lambertus overbleef.
VastgesteldHet achtervoegsel -s dat aan Lem werd toegevoegd, is een bezitsvorm die in het Nederlandse en Nederduitse taalgebied eeuwenlang werd gebruikt om verwantschap uit te drukken: Lems betekende letterlijk 'van Lem' of 'zoon van Lem'. Deze manier van naamvorming was bijzonder gangbaar in de noordelijke en oostelijke gewesten, waar patroniemen vaak niet van generatie op generatie veranderden zoals elders in het land, maar op een gegeven moment 'bevroren' raakten en als vaste familienaam bleven bestaan. Zo kon de naam van een vader die toevallig Lem heette, definitief de achternaam van zijn nakomelingen worden, ook al droegen die zelf weer andere voornamen.
Zeer waarschijnlijkDe mensen die deze naam als eersten droegen, waren vermoedelijk boeren, keuterboertjes of ambachtslieden in kleine plattelandsgemeenschappen in Groningen, Drenthe of Overijssel. In deze streken bepaalde de agrarische kalender het leven: het ploegen en zaaien in het voorjaar, het maaien van hooi en het binnenhalen van rogge en boekweit in de zomer en herfst, het onderhoud van erf, schuur en veestapel in de winter. Een vader die Lem heette, zal in zijn dorp bekend zijn geweest bij naam op de kerkbank, bij de schulte of bij de dorpsrechter, en zijn kinderen werden in spreektaal simpelweg aangeduid als 'de Lems', wat vervolgens in doop-, trouw- en begraafboeken als achternaam werd genoteerd.
VastgesteldVanaf de zestiende en zeventiende eeuw duiken dergelijke namen op in kerkelijke lidmatenregisters en gerechtelijke stukken, in een periode waarin de kerk en de plaatselijke overheid steeds nauwkeuriger bijhielden wie waar woonde, trouwde en overleed. Patroniemen zoals Lems kregen daardoor een schriftelijke vastlegging die ze voorheen niet hadden, en raakten geleidelijk gefixeerd binnen families, ook wanneer de oorspronkelijke voornaam Lem al lang niet meer binnen die familie werd gebruikt. De definitieve verplichting om een vaste, onveranderlijke achternaam te voeren kwam er pas met de invoering van de Burgerlijke Stand onder Napoleon in 1811, toen iedere inwoner van de Nederlandse gewesten zich moest laten inschrijven met een naam die vervolgens erfelijk werd.
Zeer waarschijnlijkDe spelling Lems is door de eeuwen heen redelijk stabiel gebleven vergeleken met veel andere Nederlandse achternamen, wat waarschijnlijk komt doordat de naam kort en fonetisch eenduidig is: er was weinig ruimte voor klerken om er iets anders van te maken dan wat ze hoorden. Toch zijn in oude bronnen ook varianten als Lemsz, Lemsen of Lemmens te vinden, die wijzen op nauw verwante naamvormen met hetzelfde patroniem-principe maar een ander achtervoegsel of een tussenklank. Dergelijke schommelingen ontstonden doordat schrijvers de naam naar gehoor optekenden, en pas na 1811 werd één schrijfwijze per familie definitief vastgelegd, wat verklaart waarom naast Lems ook aanverwante namen als afzonderlijke families zijn blijven bestaan.
HypotheseDe sterke regionale concentratie van de naam in het noorden en oosten van Nederland duidt erop dat het overgrote deel van de huidige dragers van Lems afstamt van een beperkt aantal stamvaders uit diezelfde streek, en niet van talloze onafhankelijk ontstane naamdragers verspreid over het land, zoals bij zeer algemene achternamen wel het geval is. De relatieve zeldzaamheid van de naam vandaag de dag versterkt dit beeld: hoe minder vaak een naam voorkomt, hoe waarschijnlijker het is dat alle huidige dragers via een gemeenschappelijke oorsprong met elkaar verbonden zijn, al is dat zonder genealogisch bronnenonderzoek per individuele familie niet met zekerheid vast te stellen.
Zeer waarschijnlijkDoor de emigratiegolven van Nederlanders naar Noord-Amerika in de negentiende en twintigste eeuw is de naam Lems ook terechtgekomen in landen als de Verenigde Staten en Canada. Nederlandse emigranten namen hun familienaam destijds gewoon mee, en in de Engelstalige omgeving bleef de schrijfwijze doorgaans ongewijzigd omdat de naam voor Engelse oren weinig aanleiding gaf tot verbastering. Hierdoor zijn er tegenwoordig, naast de kern van dragers in Nederland, ook kleinere gemeenschappen van mensen met de naam Lems te vinden buiten Europa, die hun wortels doorgaans terug kunnen voeren tot een voorvader die enkele generaties geleden uit een van de noordelijke of oostelijke Nederlandse provincies vertrok.