KREUGER
„Kreuger: de naam van de kruier, de kroegbaas of de kruik”
Mijn achternaam Kreuger komt van de pottenbakker of kroegbaas met zijn kruik – proost op die voorouders!
De betekenis van de achternaam KREUGER
Kreuger is een Nederlands-Duitse variant van Krüger/Kruger en verwijst meestal naar het beroep van pottenbakker of kroeghouder. De naam gaat terug op het Middelnederduitse/Duitse woord 'Krug', dat zowel 'kruik' als 'herberg' kan betekenen.
Het familiewapen van KREUGER
„Wat de kruik draagt, blijft”
Doorsneden van zilver en keel; in het schildhoofd drie zwarte kruiken naast elkaar, in de voet een enkele zwarte kruik met gouden rand.
De naam Kreuger is een Germaanse beroepsnaam, ontstaan in de middeleeuwse Duitstalige gebieden uit het Middelhoogduitse woord "Krug", dat "kruik" of "kan" betekent. Wie zo werd genoemd, maakte kruiken van aardewerk of was waard in een herberg, waar dranken destijds vrijwel altijd in kruiken werden geschonken en bewaard — het achtervoegsel "-er" gaf simpelweg de uitoefenaar van dit ambacht aan. Door regionale verschillen in de uitspraak van de Duitse umlaut "ü" ontstonden spellingsvarianten als Krüger, Kruger en Kreuger, maar de kern van de naam — de kruik zelf, als werktuig én als symbool van gastvrijheid en vakmanschap — bleef in alle vormen bewaard.
Het schild is doorsneden van zilver en keel, de kleuren van een gedekte tafel: het zilver verwijst naar het tinnen of geglazuurde aardewerk waarin de kruiken werden gebakken, het keel naar de wijn en het vuur van de herbergshaard. In het schildhoofd staan drie zwarte kruiken naast elkaar (sabel op zilver): het drietal staat voor de generaties vaklieden die het ambacht van vader op zoon doorgaven, telkens opnieuw gevormd en telkens weer gevuld. In de voet, op het rode veld, staat een enkele kruik met een gouden rand — deze ene kruik, apart geplaatst en versierd met goud, verbeeldt de stamvader zelf, de eerste drager van de naam wiens werk en gastvrijheid de familie haar identiteit gaven. De wapenspreuk "Wat de kruik draagt, blijft" duidt op de kern van de naam: wat ooit met zorg werd gevormd en geschonken, overleeft de tijd, precies zoals de naam Kreuger door de eeuwen heen is bewaard.
De geschiedenis van de naam KREUGER
De achternaam Kreuger is een Germaanse beroepsnaam die etymologisch teruggaat op het Middelhoogduitse woord "Krug", wat "kruik" of "kan" betekent. De naam ontstond als aanduiding voor iemand die kruiken of aardewerk vervaardigde, dan wel voor een herbergier of waard, aangezien dranken in de middeleeuwen vaak in kruiken werden geschonken en bewaard. Deze beroepsnamen waren in de middeleeuwse Duitstalige gebieden zeer gebruikelijk, waarbij het achtervoegsel "-er" duidde op de uitoefenaar van een ambacht of beroep. De naam kent diverse spellingsvarianten, waaronder Krüger, Kruger en Kreuger, die elk voortkomen uit regionale verschillen in uitspraak en schrijfwijze van de Duitse umlaut "ü". Terwijl