KLAPMUTS
„Genoemd naar een zachte muts, niet naar geklap”
Mijn achternaam is letterlijk een ouderwetse muts — geen grap!
De betekenis van de achternaam KLAPMUTS
Klapmuts is een bijnaam-achternaam die verwijst naar een klapmuts: een zachte, plooibare hoofdbedekking (een soort muts of pet) die vroeger gedragen werd. Waarschijnlijk kreeg de eerste drager de naam omdat hij zo'n muts droeg, verkocht of maakte.
Wilt u zien wat er in de registers staat? Het verdiepingsdossier KLAPMUTS bevat de akten, de tellingen en de originele registerbladen — met bij elke bewering de bron erbij. €47
Bekijk het dossier KLAPMUTS →Een muts met kleppen als familienaam
Deze naam heeft meer dan één mogelijke herkomst. Hieronder staan ze allebei, met bij elke uitleg hoe zeker die is.
VastgesteldDe achternaam Klapmuts is rechtstreeks afgeleid van het Nederlandse zelfstandig naamwoord klapmuts, een benaming die is opgebouwd uit het werkwoord klappen in de oude betekenis van 'neerslaan' of 'dichtklappen', en muts, het woord voor een zacht hoofddeksel zonder rand of klep. Een klapmuts was een muts waarvan de oorflappen of kleppen naar beneden geklapt konden worden om de oren en de nek te beschermen tegen kou, regen en wind, en weer omhoog gezet konden worden zodra het weer omsloeg. Deze constructie maakte het kledingstuk bijzonder praktisch voor mensen die buiten werkten, en gaf het meteen ook een herkenbaar silhouet dat opviel tussen andere hoofddeksels.
VastgesteldVanaf de late middeleeuwen tot diep in de negentiende eeuw was de klapmuts een alledaags kledingstuk in de Lage Landen, gedragen door boeren op het land, door vissers en zeelieden op open dekken, en door ambachtslieden die lange dagen buitenshuis doorbrachten. Het was geen chic kledingstuk maar juist functioneel, gemaakt van vilt, wol of leer, en het onderscheidde zich van andere mutsen doordat het silhouet met de neergeklapte oorflappen zo kenmerkend was dat het als bijnaam voor een drager kon gaan dienen. Wie zo'n muts droeg als vast onderdeel van zijn verschijning, kon in zijn dorp of buurt al snel 'de klapmuts' genoemd worden, zonder dat daar iets denigrerends mee bedoeld hoefde te zijn.
Zeer waarschijnlijkDe meest voor de hand liggende verklaring voor het ontstaan van de achternaam is dat zij begon als een bijnaam voor iemand die opviel door het dragen van een klapmuts, misschien omdat hij deze het hele jaar door droeg, of omdat hij hem droeg terwijl anderen in zijn omgeving al andere hoofddeksels hadden overgenomen. Bijnamen die verwezen naar een opvallend kledingstuk waren in de late middeleeuwen en vroegmoderne tijd een veelvoorkomend patroon van naamvorming: net zoals er Hoedjes, Mantels en Kousen als achternaam ontstonden, kon ook een klapmuts als vast kenmerk van een persoon uitgroeien tot diens vaste toenaam en later, na de invoering van de burgerlijke stand, tot een erfelijke achternaam voor zijn nakomelingen.
Zeer waarschijnlijkEen tweede, eveneens plausibele verklaring is dat de naam niet verwijst naar een drager maar naar een maker of verkoper van klapmutsen. Mutsenmakers en hoedenmakers werden in de middeleeuwse steden vaak vernoemd naar het product waarin zij handelden, een patroon dat we ook terugzien bij namen als Hoedemaker of Mutsaers. Een ambachtsman die gespecialiseerd was in het vervaardigen van klapmutsen, of een koopman die ze op de markt verkocht, kon zijn beroep als bijnaam meekrijgen, die vervolgens net als de kledingverklaring kon verstenen tot een familienaam. Beide verklaringen sluiten elkaar niet uit en het is heel wel mogelijk dat de naam op verschillende plaatsen onafhankelijk van elkaar op beide manieren is ontstaan.
HypotheseOmdat harde documentatie over de precieze eerste dragers van de naam Klapmuts ontbreekt, is niet met zekerheid vast te stellen welke van de twee verklaringen in een concreet geval de juiste is geweest, en de wetenschap heeft dit vraagstuk dan ook niet eenduidig beslecht. Wel is het zo dat bijnamen naar gedragen kleding in de Nederlandse naamgeving talrijker en beter gedocumenteerd zijn dan bijnamen naar een specifiek, vrij smal ambacht als mutsenmaker, wat de kledingverklaring iets aannemelijker maakt als hoofdverklaring, zonder dat de beroepsverklaring daarmee wordt uitgesloten voor families die deze traditie overleveren.
Zeer waarschijnlijkNamen die zijn afgeleid van kledingstukken ontstonden doorgaans in de streek waar dat kledingstuk gangbaar was en waar de drager zich daarmee onderscheidde van zijn omgeving; voor de klapmuts geldt dat het hoofddeksel vooral bekend was in de kustgebieden en de landelijke streken van de Nederlanden, waar de bescherming tegen wind en kou een reële, dagelijkse noodzaak was. Dat verklaart mede waarom de naam Klapmuts, voor zover bekend, met name in het Nederlandse taalgebied is blijven bestaan en niet of nauwelijks in aangrenzende taalgebieden voorkomt, aangezien het onderliggende woord specifiek Nederlands is en in andere talen geen directe tegenhanger kent die tot eenzelfde naamvorming zou hebben geleid.
HypotheseIn de loop der eeuwen is de spelling van de naam vermoedelijk vrij stabiel gebleven, omdat het onderliggende woord klapmuts een herkenbaar en veelgebruikt alledaags begrip was waarvan de schrijfwijze nauwelijks aan verandering onderhevig was, in tegenstelling tot namen die zijn afgeleid van minder frequente of regionaal sterk wisselende woorden. Kleine variaties in vroegere aktes, zoals het weglaten van een tussenletter of een andere schrijfwijze van de klank 'muts', zijn niet uit te sluiten, maar hebben zich niet doorgezet in een reeks van sterk uiteenlopende varianten zoals bij veel andere achternamen wel het geval is.
Zeer waarschijnlijkDe achternaam Klapmuts komt tegenwoordig maar bij een klein aantal families voor, wat erop wijst dat de naam vermoedelijk is teruggevoerd op een zeer beperkt aantal, misschien zelfs een enkel oorspronkelijk naamdragend gezin dat de bijnaam bij de invoering van de burgerlijke stand in 1811 als vaste familienaam liet vastleggen. Een lage frequentie van een naam is doorgaans een sterke aanwijzing dat alle huidige dragers, of toch het overgrote deel daarvan, afstammen van één plaatselijke oorsprong, in tegenstelling tot veelvoorkomende namen die op tientallen of honderden onafhankelijke ontstaansmomenten teruggaan.