JONAS
„Vernoemd naar de bijbelse profeet die door een vis werd verzwolgen”
Mijn achternaam komt van een profeet die door een vis werd opgeslokt — Jonas!
De betekenis van de achternaam JONAS
Jonas is een patroniem, afgeleid van de voornaam Jonas — de Griekse/Latijnse vorm van de Hebreeuwse naam Jona, wat 'duif' betekent. De achternaam ontstond doordat kinderen vernoemd werden naar hun vader die deze bijbelse voornaam droeg.
Wilt u zien wat er in de registers staat? Het verdiepingsdossier JONAS bevat de akten, de tellingen en de originele registerbladen — met bij elke bewering de bron erbij. €47
Bekijk het dossier JONAS →Bijbelse profeetnaam als achternaam
Deze naam heeft meer dan één mogelijke herkomst. Hieronder staan ze allebei, met bij elke uitleg hoe zeker die is.
VastgesteldDe achternaam Jonas gaat terug op het Hebreeuwse Yonah, dat letterlijk 'duif' betekent. In de Hebreeuwse Bijbel is Jona de naam van een profeet die door God naar Nineve werd gestuurd om de stad te waarschuwen voor haar ondergang, en die na een vlucht op zee drie dagen en drie nachten in de buik van een grote vis doorbracht voordat hij aan land werd gespuwd. Via de Griekse vertaling van het Oude Testament, de Septuaginta, werd Yonah tot Iōnas, en in het Latijn van de Vulgaat werd dit Jonas. Deze verlatijnste vorm is de basis geworden van de naam zoals wij die nu in de meeste Europese talen kennen.
VastgesteldDat een bijbelse naam als Jonas zich zo breed over Europa kon verspreiden, hangt samen met de kerstening van het continent en de centrale rol die de Bijbel eeuwenlang speelde in het benoemen van kinderen. Priesters doopten kinderen naar heiligen en bijbelse figuren, en de geschiedenis van Jona, met zijn thema's van boetedoening, redding en een tweede kans, sprak sterk tot de verbeelding. Zo werd Jonas een geliefde voornaam, niet alleen in katholieke, maar ook in protestantse en later joodse gemeenschappen, waar de oorspronkelijke Hebreeuwse vorm Yonah nooit helemaal verdween. Deze brede religieuze verspreiding verklaart waarom de naam in zoveel taalgebieden onafhankelijk van elkaar wortel kon schieten.
Zeer waarschijnlijkVanaf de late middeleeuwen, toen in grote delen van Europa het gebruik van vaste achternamen ontstond, werd de voornaam Jonas in veel gevallen simpelweg overgenomen als familienaam. Dit gebeurde vooral op twee manieren: ofwel droeg de vader zelf de voornaam Jonas en gaven zijn kinderen deze door als achternaam, ofwel werd de naam toegekend aan iemand die bekendstond als 'zoon van Jonas' of eenvoudigweg als 'de Jonas' in de gemeenschap. Dit patroniem-mechanisme was bijzonder gangbaar in Scandinavië en Duitstalige gebieden, waar achternamen vaak rechtstreeks uit de voornaam van de vader werden gevormd, soms met een toevoeging en soms zonder.
HypotheseNaast deze patronymische verklaring bestaat er ook een verklaring die de naam koppelt aan plaatsen en instellingen die aan de profeet Jona waren gewijd, zoals kerken, kapellen of parochies met Jona als patroonheilige. Wie in de nabijheid van zo'n kerk woonde, of eraan verbonden was als koster, kerkmeester of parochiaan, kon in de volksmond de bijnaam 'Jonas' krijgen, die vervolgens erfelijk werd. Deze verklaring is minder goed gedocumenteerd dan de patronymische route, maar sluit aan bij een bekend algemeen patroon waarbij familienamen ontstonden uit de nabijheid van religieuze gebouwen. Beide ontstaanswijzen, het patroniem en de plaatsgebonden bijnaam, kunnen naast elkaar hebben bestaan en zelfs in dezelfde streek tot dezelfde naam hebben geleid, zonder dat de een de ander uitsluit.
Zeer waarschijnlijkWat betreft de mensen die de naam oorspronkelijk droegen, is er weinig reden om aan te nemen dat zij een gedeeld beroep of dezelfde sociale klasse hadden, in tegenstelling tot beroepsnamen zoals Bakker of Smit. De naamdragers waren eerder verspreid over allerlei lagen van de samenleving: boeren, ambachtslieden, geestelijken en stedelingen, verbonden door hun doopnaam of die van hun vader, niet door hun werk. Wel is het waarschijnlijk dat de eerste generaties naamdragers vaak afkomstig waren uit gezinnen met een sterke kerkelijke betrokkenheid, simpelweg omdat het geven van een bijbelse naam aan een kind doorgaans wees op een gelovige, kerkelijk actieve huishouding.
VastgesteldDe spelling van de naam is door de eeuwen heen opvallend stabiel gebleven, vergeleken met veel andere achternamen die sterk vervormden door lokale uitspraak en schrijfgewoonten van klerken. Dit relatieve behoud van de vorm Jonas hangt samen met de religieuze autoriteit van de Bijbel als geschreven bron: de naam werd steeds weer teruggekoppeld aan de vaste, gedrukte bijbeltekst, wat afwijkende volksetymologische spellingen tegenwerkte. Toch ontstonden er in de loop van de tijd wel degelijk regionale varianten, zoals Jonasson en Jonasen in Scandinavië, waarbij respectievelijk -son en -sen 'zoon van' betekenen, en Jonasz in Poolse en Oost-Europese context, waar de -sz-spelling de lokale uitspraakgewoonten weerspiegelt.
Zeer waarschijnlijkDat de naam Jonas tegenwoordig in zoveel landen voorkomt, van Duitsland en Nederland tot Scandinavië, Frankrijk en de Engelssprekende wereld, wijst erop dat de huidige naamdragers niet van één enkele voorvader afstammen, maar van talloze onafhankelijke naamvormingen die telkens weer uit dezelfde bijbelse bron putten. Met andere woorden: de naam is polygenetisch ontstaan, wat betekent dat families met de achternaam Jonas uit heel verschillende streken en tijden vrijwel zeker geen gemeenschappelijke stamvader delen, ondanks de identieke achternaam. Deze brede, herhaalde ontstaansgeschiedenis verklaart ook waarom de naam in zoveel taalvarianten is blijven bestaan zonder dat er één dominante oorsprongslijn kan worden aangewezen.