BOSTELAAR
„Genoemd naar wie bij het bos woonde, aan de rand”
Mijn achternaam Bostelaar verwijst naar voorouders die bij een bosrand of verhoogde grond woonden!
De betekenis van de achternaam BOSTELAAR
Bostelaar is een Nederlandse plaatsnaam-achternaam die verwijst naar iemand die woonde bij een 'bostel' of 'bosteler', een verhoogd stuk grond of nederzetting aan de rand van een bos of moeras. De naam duidt dus simpelweg op herkomst uit zo'n bosrijke of hooggelegen plek.
Wilt u zien wat er in de registers staat? Het verdiepingsdossier BOSTELAAR bevat de akten, de tellingen en de originele registerbladen — met bij elke bewering de bron erbij. €47
Bekijk het dossier BOSTELAAR →De geschiedenis van de naam BOSTELAAR
De achternaam Bostelaar is van Nederlandse oorsprong en behoort tot de categorie toponymische achternamen, wat betekent dat de naam oorspronkelijk verwees naar een geografische locatie of landschapskenmerk. Etymologisch gezien is de naam samengesteld uit twee elementen: "bos", wat bos of woud betekent, en de uitgang "-laar", een veelvoorkomend suffix in het Nederlandse taalgebied dat teruggaat op het oud-Nederlandse woord "laar" of "lo", wat een open plek in het bos, een bosrand of een zandige, licht beboste plek aanduidt. Deze combinatie duidt er sterk op dat de naam oorspronkelijk werd gedragen door iemand die woonde bij, of afkomstig was van, een plaats die bekendstond als een boslaar - een open plek of rand in een bosgebied. Dergelijke plaatsnaam-elementen komen veelvuldig voor in de oostelijke en zuidoostelijke delen van Nederland, met name in regio's als Gelderland, Overijssel en delen van Noord-Brabant, waar de landschapsstructuur van bossen, heidevelden en ontginningen een belangrijke rol speelde in de naamgeving van zowel plaatsen als de mensen die er woonden.
In historisch perspectief ontstonden achternamen zoals Bostelaar in Nederland voornamelijk vanaf de late middeleeuwen en werden ze definitief vastgelegd tijdens de invoering van de Burgerlijke Stand onder Napole