VOLL
„Voll: 'de volle', bijnaam voor een gevulde, gedrongen gestalte”
Mijn achternaam Voll betekent zoiets als 'de gezette' of 'de volle' — een bijnaam uit de middeleeuwen!
De betekenis van de achternaam VOLL
Voll is een Duitse achternaam die teruggaat op het bijvoeglijk naamwoord 'voll' (vol, gevuld). Waarschijnlijk begon het als bijnaam voor iemand met een gezette, stevige lichaamsbouw, of mogelijk voor iemand die bij een vol/overvloedig erf of goed woonde.
Wilt u zien wat er in de registers staat? Het verdiepingsdossier VOLL bevat de akten, de tellingen en de originele registerbladen — met bij elke bewering de bron erbij. €47
Bekijk het dossier VOLL →Bijnaam voor een volle, gezette man
Deze naam heeft meer dan één mogelijke herkomst. Hieronder staan ze allebei, met bij elke uitleg hoe zeker die is.
VastgesteldDe achternaam Voll gaat terug op het Middelhoogduitse woord 'vol' of 'voll', dat net als in het huidige Duits en Nederlands 'vol' of 'volledig' betekent. In de middeleeuwen werd dit woord vaak gebruikt als bijnaam om iemand te typeren: iemand die 'vol' was in de zin van gezet, stevig gebouwd of gewoon lijfelijk imposant. Zulke bijnamen ontstonden in een tijd waarin achternamen nog niet vastlagen en mensen in kleine gemeenschappen vooral werden aangeduid met een kenmerk dat opviel, zoals een lichaamsbouw, een gewoonte of een uiterlijke eigenschap. Dat dit woord de basis vormt voor de naam Voll, is taalkundig vastgesteld; welke exacte connotatie de allereerste drager precies had, blijft daarentegen gissen.
Zeer waarschijnlijkNaast een verwijzing naar een fors postuur is het goed denkbaar dat 'voll' ook sloeg op iemand die bekendstond om zijn overvloed aan bezit, graan, vee of andere welvaart. In een agrarische samenleving waar schaarste eerder de norm was dan uitzondering, kon een boer met een 'volle' schuur, een 'volle' voorraadkamer of eenvoudigweg een 'vol' en dus welvarend erf al snel deze bijnaam krijgen van zijn buren of van de plaatselijke schrijver die belastingregisters bijhield. Deze verklaring is niet met zekerheid te onderscheiden van de lichaamsbouw-interpretatie, omdat beide op hetzelfde bijvoeglijk woord teruggaan en de context waarin de bijnaam ooit werd toegekend niet meer te achterhalen is. Naamkundigen beschouwen deze lezing als waarschijnlijk, naast en niet in plaats van de eerste.
HypotheseEen derde, minder gangbare maar zeker niet onmogelijke verklaring legt de link met plaatsnamen of landschapskenmerken. In sommige streken kon 'voll' verwijzen naar een 'volle' rivier, dat wil zeggen een rivier die goed gevuld stroomde, of naar grond met overvloedige begroeiing. Wie bij zo'n plek woonde of daarvandaan afkomstig was, kon de plaatsnaam of het kenmerk als achternaam meekrijgen op het moment dat achternamen zich vastzetten. Deze herkomst wordt door de meeste naamkundigen als minder gangbaar beoordeeld dan de persoonlijke bijnaamverklaring, maar voor individuele families waarvan de wortels in een plek met een dergelijke naam liggen, kan dit wel degelijk de juiste lezing zijn. Het is dan ook een hypothese die per familie apart beoordeeld moet worden.
VastgesteldHet proces waarbij een bijnaam als 'Voll' overging in een vaste, erfelijke achternaam voltrok zich in het Duitse taalgebied geleidelijk, grofweg vanaf de late middeleeuwen tot in de vroegmoderne tijd, en verschilde sterk van streek tot streek. In steden en onder de gegoede burgerij raakten achternamen doorgaans eerder vastgelegd dan op het platteland, waar bijnamen soms nog eeuwenlang van generatie op generatie wisselden voordat ze definitief als familienaam werden vastgelegd, vaak pas onder druk van kerkelijke doopregisters en later burgerlijke en fiscale administratie. Dat de naam opduikt in kerkregisters, belastingregisters en gilderecords wijst erop dat de dragers uit uiteenlopende sociale lagen kwamen, van eenvoudige ambachtslieden tot boeren met enig aanzien. Dit beeld van een geleidelijke en regionaal ongelijke verankering is voor Duitse bijnaamachternamen in algemene zin goed gedocumenteerd.
Zeer waarschijnlijkGeografisch is de naam Voll van oudsher het sterkst geworteld in Zuid-Duitsland, met concentraties in Beieren en Baden-Württemberg, en in aangrenzende Duitstalige gebieden van Zwitserland en Oostenrijk. Dat juist deze streken als kerngebied gelden, is niet toevallig: het zijn regio's met een lange traditie van kleinschalige landbouw en ambacht, waar bijnamen die verwezen naar postuur of welvaart bijzonder functioneel waren in dorpen waar iedereen elkaar kende en onderscheid nodig was tussen gelijknamige personen. De relatieve isolatie van sommige Alpenregio's en het feit dat families er vaak generaties lang op dezelfde grond bleven, hebben er waarschijnlijk aan bijgedragen dat de naam zich daar stevig kon nestelen voordat migratie haar verder verspreidde.
Zeer waarschijnlijkDe schrijfwijze van de naam is door de eeuwen heen opvallend stabiel gebleven, wat past bij de eenvoud en directheid die kenmerkend zijn voor Germaanse bijnaamachternamen. Waar veel andere namen door dialectverschillen, verschrijvingen van klerken of aanpassing aan lokale spelling sterk uiteen zijn gaan lopen, bleef 'Voll' doorgaans dicht bij zijn oorspronkelijke vorm, mogelijk mede omdat het woord zelf al deel was van de dagelijkse omgangstaal en dus weinig ruimte liet voor foutieve interpretatie door schrijvers. Wel zijn er in aangrenzende taalgebieden varianten ontstaan, en in Scandinavische landen bestaat een gelijkluidende naam die mogelijk een geheel eigen oorsprong heeft in plaatsnamen, los van de Duitse bijnaamtraditie. Die twee ontstaansgeschiedenissen dienen naamkundig los van elkaar te worden beschouwd.
HypotheseVanaf de negentiende en twintigste eeuw verspreidde de naam Voll zich, samen met grote groepen Duitstalige emigranten, naar Noord-Amerika en andere delen van de wereld, wat verklaart waarom de naam vandaag ook buiten Europa met enige regelmaat voorkomt. Toch blijft de naam relatief geconcentreerd in gebieden met historische Duitse invloed, wat suggereert dat het geen extreem verspreide of massale naam is geworden, maar eerder voortleeft in een beperkt aantal, mogelijk onafhankelijk van elkaar ontstane familielijnen die elk teruggaan op een eigen middeleeuwse naamgever. Voor wie de eigen stamboom onderzoekt, betekent dit dat een gedeelde achternaam Voll niet automatisch op een gedeelde voorouder wijst, maar zeer wel op een parallelle, telkens opnieuw ontstane bijnaamgeving kan teruggaan.