MATTHIJSSEN
„Zoon van Matthijs: een naam die "geschenk van God" eert”
Mijn achternaam betekent 'zoon van Matthijs' - oftewel afstammeling van iemand die 'geschenk van God' heette!
De betekenis van de achternaam MATTHIJSSEN
Matthijssen betekent letterlijk 'zoon van Matthijs', een oude Nederlandse vorm van Matthias/Matteüs. De voornaam zelf komt uit het Hebreeuws en betekent 'geschenk van God' of 'gave van Jahweh'.
Het familiewapen van MATTHIJSSEN
„Geschenk van God, zoon na zoon”
Doorsneden van zilver en keel; rechts een keels passiekruis oprijzend uit een gouden heuvel, links drie gouden penningen schuinsgewijs geplaatst.
De naam Matthijssen is een patroniem: "zoon van Matthijs". Matthijs is de Nederlandse vorm van het Hebreeuwse Mattityahu, "geschenk van God", een naam die in de Lage Landen wijdverspreid raakte door de verering van de apostel Matthias en de evangelist Mattheus. Vanaf de middeleeuwen droegen talloze mannen in Noord-Brabant, Zeeland en Vlaanderen deze voornaam door aan hun zonen, totdat de naam bij de invoering van de Burgerlijke Stand onder Napoleon rond 1811 werd vastgelegd als erfelijke achternaam — Matthijssen, letterlijk "zoon van Matthijs", een naam die tot op de dag van vandaag de herinnering aan die voorouder levend houdt.
Het schild is doorsneden van zilver en keel, de twee kleuren die traditioneel met de apostelen worden verbonden en die hier de twee zijden van de naam verbeelden: het goddelijke geschenk en het aardse voortbestaan. Rechts rijst een keels passiekruis op uit een gouden heuvel — het kruis verwijst rechtstreeks naar de apostel Matthias, wiens marteldood met een hellebaardachtig kruiswapen wordt herdacht, en de heuvel van goud staat voor de vaste bodem van Brabant en Zeeland waarop het geslacht wortelde. Links liggen drie gouden penningen schuins gerangschikt: zij verbeelden zowel de dertig zilverlingen uit het evangelieverhaal rond de naam Mattheus als, bovenal, de betekenis van Mattityahu zelf — "geschenk van God" — het kostbare geschenk dat elke generatie aan de volgende doorgaf. De wapenspreuk "Geschenk van God, zoon na zoon" vat deze dubbele erfenis samen: een naam die begon als zegen en die, van vader op zoon, is uitgegroeid tot een familie met een lange, gewortelde geschiedenis.
De geschiedenis van de naam MATTHIJSSEN
De achternaam Matthijssen is een patroniem, gevormd naar het Nederlandse taalgebruik waarbij de achtervoeging "-sen" of "-ssen" "zoon van" betekent. De naam is dus afgeleid van de voornaam Matthijs, de Nederlandse variant van Matthias of Mattheus, welke op hun beurt teruggaan op het Hebreeuwse "Mattityahu", wat "geschenk van God" betekent. Deze bijbelse naam won aan populariteit in de Lage Landen dankzij de verering van de apostel Matthias en de evangelist Mattheus, waardoor Matthijs als voornaam veelvuldig voorkwam vanaf de middeleeuwen. Toen achternamen in de vroegmoderne tijd verplicht werden, met name na de invoering van de Burgerlijke Stand onder Napoleon rond 1811, kozen veel families die afstamden van iemand met de voornaam Matthijs de patroniemvorm Matthijssen als vaste familienaam.
Geografisch gezien komt de naam Matthijssen van oudsher vooral voor in Nederland en Vlaanderen, met concentraties in provincies als Noord-Brabant, Zeeland en delen van Vlaanderen, waar het gebruik van patroniemen als vaste achternamen langer gangbaar bleef dan elders. De naam weerspiegelt de sterke agrarische en religieuze traditie van deze regio's, waar voornamen uit de bijbel veelvuldig werden doorgegeven binnen families. In de loop der eeuwen ontstonden diverse schrijfwijzen zoals Mathijssen, Matthijsen en Mathijsen, afhankelijk van regionale spellingconventies en de administratieve registratie door lokale ambtenaren. Vandaag de dag is Matthijssen een relatief veelvoorkomende Nederlandse achternaam die getuigt van een lange familiegeschiedenis geworteld in de patroniemtraditie, en draagt de naam nog steeds de oorspronkelijke betekenis van "zoon van Matthijs" met zich mee, als tastbare herinnering aan voorouderlijke naamgevingspraktijken.