LENSEN
„Zoon van Lens: een patroniem uit de Lage Landen”
Mijn achternaam Lensen betekent gewoon 'zoon van Lens' (kort voor Laurens) — geen lens te bekennen!
De betekenis van de achternaam LENSEN
Lensen betekent letterlijk 'zoon van Lens', waarbij Lens een korte vorm is van de voornaam Laurens (of soms Helena/Magdalena). Het is dus een patroniem: een achternaam die aangeeft wiens kind je was.
Het familiewapen van LENSEN
„Gekroond door naam en trouw”
In azuur drie lauwerkransen van zilver, twee boven en één beneden vergezeld, de onderste krans een gouden zon omvattend.
De naam Lensen is een patroniem: "zoon van Lens", waarbij Lens een verkorte, vertrouwelijke vorm was van de voornaam Lourens of Laurens — zelf afgeleid van het Latijnse Laurentius, wat zoveel betekent als "de gelauwerde" of "hij die uit Laurentum komt", een naam die van oudsher verbonden is met de laurier als eerbewijs. In de late middeleeuwen en vroegmoderne tijd, toen in Gelderland, Overijssel, Groningen en de aangrenzende Nedersaksische streken vaste achternamen ontstonden door het achtervoegsel "-sen" aan de vadersnaam te hechten, droeg elke Lensen zo, zonder het wellicht te beseffen, de herinnering aan een gelauwerde voorvader met zich mee. De naam verspreidde zich door handel en migratie over de grens heen, en veranderde in spelling — Lensink, Lenssen, Lenting — maar bleef in de kern altijd hetzelfde verhaal vertellen: een zoon, genoemd naar een vader die "de gekroonde" heette.
Het schild is azuur, de kleur van trouw en van de wijde hemel waaronder deze grensoverschrijdende familie zich vestigde. Daarop staan drie lauwerkransen van zilver, rechtstreeks verwijzend naar de Latijnse oorsprong van Laurentius en dus naar de kern van de naam Lensen zelf: de lauwerkrans als eeuwenoud teken van eer, overwinning en blijvende erkenning. De onderste krans omvat een kleine gouden zon, die het "-sen" van de naam — zoon van — verbeeldt als licht dat van vader op zoon is overgegaan, generatie na generatie. Boven het schild herhaalt de helmversiering dit thema in compacte vorm: één lauwerkrans met een gouden vlam, het voortdurende doorgeven van diezelfde erfenis in de tijd. De zilveren en azuren mantelversiering sluit zich aan bij de tinctuur van het schild, terwijl het devies "Gekroond door naam en trouw" de twee dragende gedachten van dit wapen samenbindt: de eer die in de naam Laurentius verscholen ligt, en de trouw waarmee die naam van geslacht op geslacht is doorgegeven.

De geschiedenis van de naam LENSEN
De achternaam Lensen is een patroniem dat oorspronkelijk verwees naar "zoon van Lens" of "zoon van Lense", waarbij Lense een verkorte vorm was van de voornaam Lourens of Laurens, afgeleid van het Latijnse Laurentius. Deze naamgevingstraditie was wijdverspreid in de Nederlandse en Duitse taalgebieden, waar achternamen vaak ontstonden door het toevoegen van het achtervoegsel "-sen" of "-zen" aan de voornaam van de vader, wat "zoon van" betekent. De naam vond zijn oorsprong voornamelijk in de oostelijke en noordelijke delen van Nederland, met name in Gelderland, Overijssel en delen van Groningen, alsook in aangrenzende Duitse regio's zoals Nedersaksen, waar soortgelijke patronymische naamgevingsconventies gangbaar waren. Deze grensoverschrijdende oorsprong verklaart waarom de naam Lensen zowel in Nederland als in Duitsland voorkomt, met concentraties in gebieden waar historische migratie en handelscontacten tussen deze regio's plaatsvonden.
Historisch gezien werd de achternaam Lensen vanaf de late middeleeuwen en vroegmoderne tijd steeds vaker vastgelegd in officiële documenten, zoals kerkregisters, belastingregisters en notariële akten, toen het gebruik van vaste achternamen wettelijk verplicht werd gesteld, met name na de Franse bezetting rond 1811 toen Napoleon de burgerlijke stand invoerde. Families met de naam Lensen waren vaak werkzaam in agrarische beroepen, ambachten of handel, wat typisch was voor de sociale klasse waarin patronymische achternamen ontstonden. Een opmerkelijk kenmerk van de naam is de variatie in spelling die door de eeuwen heen ontstond, waaronder vormen als Lensink, Lenssen en Lenting, die alle wijzen op dezelfde etymologische wortel maar verschillende regionale schrijfwijzen weerspiegelen. Tegenwoordig komt de naam Lensen nog steeds voor in concentraties in de oorspronkelijke regio's, hoewel migratie in de negentiende en twintigste eeuw ervoor heeft gezorgd dat de naam zich verspreidde naar andere delen van Nederland, België en zelfs internationaal, met name naar landen waar Nederlandse en Duitse emigranten zich vestigden.