KEMKES
„Kemkes: telg van de kleine Kem, uit Westfalen”
Mijn achternaam Kemkes betekent zoiets als 'kleine Kem' — een koosnaam die duizenden jaren geleden al een achternaam werd.
De betekenis van de achternaam KEMKES
Kemkes is een patroniem-achtige verkleinvorm die zoiets betekent als 'kleine Kem' of 'zoon van Kem', waarbij Kem waarschijnlijk een verkorting is van een oudere Germaanse voornaam zoals Kempe of Kemmerling. Het achtervoegsel -kes is een typisch Nedersaksisch/Westfaals verkleinwoord, vergelijkbaar met -ke of -tje in het Nederlands.
Het familiewapen van KEMKES
„Geworteld op eigen grond”
Doorsneden van sinopel en goud; boven in sinopel een omheind akkerveldje van goud, omgeven door een lage palissade; onder in goud drie klavertjes van sinopel, oprijzend uit een lage aardheuvel.
De naam Kemkes ontstond in het Nedersaksisch-Westfaalse grensgebied tussen Nederland en Duitsland, in streken als de Achterhoek en Twente, waar taal en cultuur eeuwenlang met elkaar vervlochten waren. Zij is opgebouwd uit een stam die teruggaat op "Kamp" — een omheind stuk akker of grond — versterkt met de karakteristieke verkleinuitgang "-kes", die in dit gebied wees op een zoon, nakomeling of op een kleine hoeve die met die naam werd aangeduid. Wie de naam droeg, was daarmee letterlijk verbonden aan een klein, afgebakend stuk land: niet de grote hof, maar het bescheiden, zorgvuldig omheinde erf dat van vader op zoon overging en de familie generaties lang aan één streek bond.
Het schild is doorsneden in sinopel (groen) en goud, de twee tinten die samen het beeld van vruchtbaar, bewerkt land vormen. Boven, in het groene veld, staat het omheinde akkerveldje van goud, omringd door een lage palissade: dit is de "Kamp" zelf, het afgebakende stukje grond waaraan de naam zijn oorsprong ontleent — klein van omvang, maar zorgvuldig bewaakt en van generatie op generatie doorgegeven. Onder, in het gouden veld, rijzen drie groene klavertjes op uit een lage aardheuvel: zij verbeelden de nakomelingen — de "-kes" van de naam — die uit die ene grond voortkwamen en er wortel schoten. Het helmteken van drie samengebonden gouden korenaren herhaalt dit thema boven het schild: de oogst die het kleine veldje voortbrengt, het tastbare bewijs dat trouw aan een stuk grond loont. De wapenspreuk "Geworteld op eigen grond" vat samen wat de naam Kemkes door de eeuwen heen heeft betekend: een familie die niet verhuisde met de wind, maar bleef waar haar akker lag.
De geschiedenis van de naam KEMKES
De achternaam Kemkes behoort tot de categorie Nedersaksische/Westfaalse familienamen en wordt vooral aangetroffen in het grensgebied tussen Nederland en Duitsland, met name in de Achterhoek, Twente en het aangrenzende Duitse Westfalen. De naam is opgebouwd uit een stam, mogelijk afgeleid van "Kamp" (een omheind stuk grond of akker) of van een persoonsnaam zoals Kemme of Kem, en de verkleinuitgang "-kes". Deze uitgang is typerend voor het Nedersaksische en Westfaalse taalgebied, waar verkleinvormen als "-ke", "-ken" en "-kes" veelvuldig voorkwamen in achternamen, vergelijkbaar met patronen in het Rijnland en Limburg. Dergelijke namen ontstonden vaak als aanduiding van een zoon of nakomeling van iemand met de oorspronkelijke naam, of als verwijzing naar een kleine hoeve, boerderij of stuk land dat met die naam werd aangeduid.
Historisch gezien duiken namen als Kemkes op vanaf de late middeleeuwen en vroegmoderne tijd, toen in veel delen van Europa vaste achternamen werden ingevoerd, mede onder invloed van kerkelijke en later burgerlijke registratie. In het grensgebied tussen Nederland en Duitsland, waar de taal en cultuur sterk vermengd waren, ontstonden veel namen met vergelijkbare structuur, wat verklaart waarom Kemkes zowel in Nederlandse als Duitse archieven voorkomt. Een opmerkelijk kenmerk van de naam is dat families met deze achternaam vaak van generatie op generatie in dezelfde streek bleven