DEN DUNNEN
„Bijnaam voor de dunne, magere man van het dorp”
Mijn achternaam betekent letterlijk 'de dunne' — een bijnaam die bleef plakken!
De betekenis van de achternaam DEN DUNNEN
'Den Dunnen' betekent letterlijk 'de dunne' en was oorspronkelijk een bijnaam voor iemand die opvallend mager of tenger van gestalte was. Zulke bijnamen werden vaak vaste achternamen zodra families zich moesten registreren.
Het familiewapen van DEN DUNNEN
„Recht en rank”
Doorsneden van zilver en sinopel, beladen met een slanke populier van het een in het ander.
De naam "Den Dunnen" ontstond in de middeleeuwen als bijnaam voor iemand die opviel door zijn magere of slanke gestalte — "de dunne" dus, gevormd met het lidwoord "den" zoals dat gebruikelijk was in de streektaal van Zuid-Holland en Zeeland. In een tijd waarin achternamen nog niet vastlagen, werd men zo onderscheiden van naamgenoten binnen dorp of gemeente. Vanaf de zestiende en zeventiende eeuw raakte de naam vastgelegd in de doop-, trouw- en begraafboeken van gereformeerde gemeenten in het westen van het land, en groeide zij uit tot een erfelijke familienaam die generaties overleefde, ook toen de oorspronkelijke lichamelijke aanduiding allang geen betekenis meer had voor wie haar droeg.
Het schild toont een doorsnede van zilver en sinopel (groen), waarop een enkele slanke populier staat, van het ene in het andere metaal en kleur gewisseld: zilver op groen, groen op zilver. De populier is met opzet hoog en rank getekend, zonder brede kruin of zware stam — een directe verwijzing naar "dun", niet als tekortkoming maar als kenmerk dat opviel en overleefde, zoals de boom zelf rechtop blijft staan waar andere gewassen breken. Het zilver staat voor zuiverheid en eenvoud, het sinopel voor groei, leven en volharding door de generaties heen. Boven het schild rijst uit stalen toernooihelm en groen-zilveren wrong een jonge populier op die buigt in de wind maar niet breekt, een beeld van veerkracht dat de familienaam eer aandoet. De wapenspreuk "Recht en rank" vat dit samen: rechtop staan zonder zwaarte, sierlijk zonder zwakte — de kracht die schuilt in het tengere.
De geschiedenis van de naam DEN DUNNEN
De achternaam "den Dunnen" behoort tot de categorie van Nederlandse bijnaamachternamen, die oorspronkelijk ontstonden als beschrijving van een persoonlijk kenmerk van de drager. Het element "Dunnen" is afgeleid van het bijvoeglijk naamwoord "dun", wat mager, slank of tenger betekent. In combinatie met het lidwoord "den" (een verbogen vorm van "de" die in oudere Nederlandse taal en in bepaalde dialecten, met name in Zuid-Holland en Zeeland, gebruikelijk was) ontstond de naam als aanduiding voor "de dunne" persoon, oftewel iemand die opviel door zijn magere of slanke gestalte. Dit soort naamgeving was in de middeleeuwen zeer gebruikelijk, toen achternamen nog niet vastlagen en mensen vaak werden aangeduid naar uiterlijke kenmerken om hen te onderscheiden van naamgenoten binnen een gemeenschap.
De geografische oorsprong van de naam "den Dunnen" wordt voornamelijk gesitueerd in de provincies Zuid-Holland en Zeeland, waar de vorm "den" als bepaald lidwoord kenmerkend is voor het regionale taalgebruik. Vanaf de zestiende en zeventiende eeuw, toen achternamen in Nederland geleidelijk officieel werden vastgelegd, verspreidde de naam zich via familieverbanden naar andere delen van het land, al blijft de concentratie in het westen van Nederland tot op heden herkenbaar. Historisch gezien komt de naam voor in doop-, trouw- en begraafboeken van gereformeerde gemeenten, wat duidt op een lange continuïteit binnen bepaalde families. Een opmerkelijk kenmerk van de naam is dat, ondanks de letterlijke betekenis, deze in de loop der eeuwen zijn oorspronkelijke, beschrijvende functie verloor en louter een erfelijke familienaam werd, zonder dat de dragers per se nog een verband hadden met de fysieke eigenschap die aan de basis van de naam lag.