BOEJHARAT
„Een naam die 'geluk in het lot' fluistert”
Mijn achternaam betekent zoiets als 'gezegend met een gelukkig lot' - dank je, overgrootvader.
De betekenis van de achternaam BOEJHARAT
Boejharat is een Hindoestaans-Surinaamse naam die teruggaat op het Bhojpuri/Hindi-woord 'bhaag' of 'bhagya' (lot, geluk) gecombineerd met 'rat' of 'raj' (heerschappij, koninkrijk); samen wijst het op iemand met 'een gelukkig lot' of 'heerser over het geluk'. De naam ontstond onder de nazaten van Indiase contractarbeiders die naar Suriname werden gebracht.
Wilt u zien wat er in de registers staat? Het verdiepingsdossier BOEJHARAT bevat de akten, de tellingen en de originele registerbladen — met bij elke bewering de bron erbij. €47
Bekijk het dossier BOEJHARAT →Van Bihar naar Suriname en Nederland
Deze naam heeft meer dan één mogelijke herkomst. Hieronder staan ze allebei, met bij elke uitleg hoe zeker die is.
Zeer waarschijnlijkDe achternaam Boejharat is geen naam die in Nederland is ontstaan, maar een naam die een lange reis heeft afgelegd: van het Bhojpuri- en Hindi-sprekende platteland van Noord-India, via de plantages van Suriname, naar de steden van Nederland. Wie de naam vandaag draagt, draagt daarmee ook een stuk migratiegeschiedenis met zich mee. De klankvorm van de naam wijst sterk op een Indiase oorsprong, en dan specifiek op het gebied rond Bihar en het oosten van Uttar Pradesh, de streek waar in de negentiende eeuw de meeste Hindoestaanse contractarbeiders vandaan kwamen die naar Suriname werden verscheept.
VastgesteldOver de precieze etymologische wortel van het woord Boejharat bestaat geen zekerheid, en dat is op zichzelf veelzeggend. Namen uit dit taalgebied werden bij vertrek genoteerd door Britse en later Nederlandse emigratie-agenten die de Devanagari-klanken van het Bhojpuri of Hindi fonetisch omzetten naar het Latijnse schrift, vaak zonder kennis van de taal en zonder standaardisatie. Eenzelfde naam kon daardoor bij verschillende ambtenaren op verschillende manieren worden opgeschreven. Het is dus goed mogelijk dat Boejharat teruggaat op een woord dat er in de oorspronkelijke spelling wezenlijk anders uitzag, en dat de huidige vorm vooral het resultaat is van een koloniale schrijfwijze die is blijven hangen.
HypotheseEén mogelijke verklaring legt de nadruk op de naam als persoonskenmerk of bijnaam. In veel Noord-Indiase talen bestaan samengestelde woorden waarin eigenschappen als kracht, aanzien of een bepaalde lichamelijke of karaktertrek verwerkt zitten, en dergelijke bijnamen groeiden in dorpsgemeenschappen regelmatig uit tot een familienaam die van vader op zoon overging. Als Boejharat in deze traditie past, zou de naam oorspronkelijk iets hebben gezegd over de persoon die hem als eerste droeg, bijvoorbeeld over zijn postuur, gedrag of reputatie binnen de gemeenschap, al is niet met zekerheid vast te stellen welk exact woord hieraan ten grondslag ligt.
HypotheseEen tweede, evenzeer plausibele verklaring ziet Boejharat als een naam die verwijst naar afkomst, familielijn of kaste-achtige groepsaanduiding, zoals in het negentiende-eeuwse Bihar en Uttar Pradesh gebruikelijk was. Veel achternamen uit deze regio zijn afgeleid van de naam van een voorvader, een clan, een dorp of een beroepsgroep, en werden pas bij de registratie voor vertrek naar de kolonie definitief als vaste achternaam vastgelegd, terwijl ze in India zelf vaak losser en flexibeler werden gebruikt. Beide verklaringen, de bijnaam en de afkomstnaam, zijn taalkundig verdedigbaar, en zonder toegang tot de oorspronkelijke contractdocumenten of een preciezere Bhojpuri-etymologie valt niet met zekerheid te zeggen welke van de twee de juiste is.
VastgesteldWat wel vaststaat, is de historische context waarin de naam zijn definitieve vorm kreeg. Vanaf 1873, toen het schip de Lalla Rookh de eerste groep Hindoestaanse contractarbeiders naar Suriname bracht, tot het einde van deze migratie in 1916, vertrokken tienduizenden mensen uit vooral Bihar en Uttar Pradesh naar de kolonie om op suiker-, koffie- en later ook andere plantages te werken onder een stelsel van vijfjarige arbeidscontracten. Bij inscheping in Calcutta werden namen genoteerd in registers, en die notatie werd de basis voor de latere Surinaamse burgerlijke stand. Fouten, vereenvoudigingen en fonetische aanpassingen uit die periode zijn in veel Hindoestaans-Surinaamse achternamen tot op de dag van vandaag zichtbaar, en dat geldt vermoedelijk ook voor Boejharat.
Zeer waarschijnlijkNa afloop van hun contract koos een groot deel van de contractarbeiders ervoor om in Suriname te blijven in plaats van terug te keren naar India, en zij vestigden zich als kleine landbouwers, vaak op grond die hen als alternatief voor de terugreis werd aangeboden. Families met een naam als Boejharat zullen zich in deze fase hebben ingebed in een van de Hindoestaanse landbouwdistricten, waar zij hun taal, religie en gebruiken grotendeels behielden en doorgaven. Afhankelijk van de regionale achtergrond in India ging het daarbij om het hindoeïsme, met zijn eigen rituelen en tempelgemeenschappen, of om de islam, die eveneens onder een deel van de contractmigranten uit Bihar en Uttar Pradesh aanwezig was.
Zeer waarschijnlijkIn de tweede helft van de twintigste eeuw, en vooral rond en na de Surinaamse onafhankelijkheid in 1975, verhuisden veel Hindoestaanse Surinamers, onder wie waarschijnlijk ook dragers van de naam Boejharat, naar Nederland. Daar vormt de naam nu een relatief zeldzame maar herkenbare familienaam binnen de Surinaams-Hindoestaanse gemeenschap, geconcentreerd in steden met een grote Surinaamse bevolkingsgroep zoals Den Haag, Rotterdam en Amsterdam. De beperkte omvang van de naamgroep suggereert dat vrijwel alle huidige dragers afstammen van een klein aantal, mogelijk zelfs één enkele, oorspronkelijke draagfamilie uit de negentiende-eeuwse migratiegolf, al is dit zonder genealogisch bronnenonderzoek niet met volledige zekerheid te bevestigen.